Preek lezen 2 mei N.V.

Protestantse gemeente Scharnegoutum – Loënga

Preek lezen 2 mei N.V.

Hoop is dat ding met veertjes.
Dat zei dichteres Emily Dickinson in de 19e eeuw.

Ik kan me hoop heel gemakkelijk als een vogel voorstellen. Schuw, op haar hoede – als je te dichtbij komt dan vliegt ze op en is ze weg. En wild, vrij – op de meest onverwachte plekken duikt ze op en doet je versteld staan van haar schoonheid.

Wat is dat, hoop?
We gebruiken het woord regelmatig en er zitten zo veel verschillende lagen in.
Hoop kan heel concreet zijn, als je zegt: “Ik hoop dat het morgen mooi weer is.”
En net zo concreet maar een stuk urgenter: “Ik hoop dat de uitslag goed is. Ik hoop dat ik weer beter word.”
En misschien kan er ook wel hoop zijn op het moment dat je niet concreet kunt hopen op het veranderen van de situatie. Bekende woorden van de Tsjechische verzetsman Vatsjlav Havel: Hoop is niet hetzelfde als optimisme. Evenmin de overtuiging dat iets goed zal  aflopen. Wel de zekerheid dat iets zinvol is ongeacht de afloop, het resultaat.

Hoop, in ieder geval, is iets dat het hier en nu en je eigen kleine zelf te boven en te buiten gaat. Hoop zoekt verbinding, met anderen, met het leven, met God. Zo zegt Havel ook dat hij ervaart dat hoop hem geschonken wordt ‘van elders’. Hij vindt dat hij dat als niet-christen moeilijk God kan noemen, maar hij zegt dat het deze hoop is die ons de kracht geeft om te leven en om steeds weer nieuwe dingen te proberen, zelfs al zijn de omstandigheden in het hier en nu hopeloos.

Noach heeft twee vogels van hoop bij zich in de ark. De raaf en de duif. De zwarte en de witte vogel. De raaf, die al eeuwenlang een symbool is van wijsheid. En de duif, de onschuld zelf, symbool van vrede en in de Bijbel ook vaak van Gods Heilige Geest. Twee vogels van hoop, op zoek naar een boom om neer te kunnen strijken, een plek om te nestelen, op zoek naar voedsel. Vogels kunnen vliegen, maar ze hebben toch ook land nodig om hun pootjes neer te zetten.

De raaf en de duif zitten al maandenlang gekooid. De ark houdt hen veilig, maar houdt hen ook gevangen. Geen kant op kunnen ze. In het schemerdonker van het scheepsruim zitten ze maar wat te zitten, samen met al die andere dieren dicht opeen gepakt. Ze krijgen van Noach netjes op tijd hun eten en hun drinken iedere dag, maar verder…? Vliegen is er natuurlijk niet bij. Zingen doen ze allang niet meer. Wat valt er te zingen? Dankzij Noach en de ark blijven ze in leven, maar of dat nou leven is…?

Hoop lééft niet altijd in onszelf. Als de golven van ons leven hoog opgezwiept worden, als het water ons aan de lippen staat, als we overspoeld worden door wereldnieuws dat ons moedeloos maakt, dan kan het lijken of de hoop dood is. Wat mij opvalt aan dat verhaal over Noach is hoe láng die periode in de ark duurt, ook nádat God zich om hen bekommert. Eerst regent het veertig dagen en nachten, maar daarna bedenkt God zich en laat hij het stoppen met regenen. Maar daarna duurt het nog meer dan tweehonderd dagen voordat Noach het raam van de ark opendoet en de eerste vogel van hoop naar buiten laat. Er is een spreekwoord dat zegt: vertrouwen komt te voet en gaat te paard. Dat geldt misschien wel net zo sterk voor hoop. Het kan lang duren voordat je weer durft te hopen. Waar in korte tijd veel vernietigd kan worden, kost het soms veel en veel langer voordat je überhaupt weer een raam open durft te zetten naar de toekomst.

Noach opent een raam, knippert even tegen het felle zonlicht dat schittert over die enorme watervlakte, en laat de raaf naar buiten. De raaf slaat zijn vleugels uit en gaat op weg. Hij blijkt het vliegen nog niet verleerd te zijn. Integendeel, zelfs al vindt hij niets: hij blijft net zo lang heen en weer vliegen totdat de aarde droog is. Hij geeft niet op.
Het beeld van die vogel die heen en weer vliegt over het water doet denken aan die andere keer in het eerste bijbelboek dat de aarde met water bedekt was, namelijk in het scheppingsverhaal. ‘De aarde was woest en leeg, maar Gods Geest zweefde over het water.’ Gods geest van hoop blijft rondwaren, zelfs al valt er menselijkerwijs niks te hopen. Gods Geest houdt de wacht en bewaart voor ons de hoop op momenten dat wijzelf niet hopen kunnen.

Na de raaf laat Noach ook de duif naar buiten. Ook zij slaat haar vleugels uit en gaat op weg. Ook zij vindt niets, geen tak om op te zitten, geen plek om haar pootjes neer te zetten. Uitgeput keert ze terug naar de ark. En Noach steekt zijn arm naar haar uit, neemt haar weer bij zich, geeft haar voer en water en laat haar uitrusten.
Noach weet wat wachten is. Hij weet dat je de hoop met zorg moet behandelen, dat je haar moet koesteren, soms niet te veel van haar moet vragen. Soms is het gewoonweg de tijd nog niet. Soms krijgt ze nog geen voet aan de grond. Maar dat neemt niet weg dat ze het kan blijven proberen. Hoop kan soms een stukje voor ons uit vliegen: ze kan eropuit nog vóórdat de vaste grond te zien is. Misschien is er toch al een tak van een hoge boom om even op te zitten, zelfs al staat de grond nog onder water?

Dus laat Noach na zeven dagen de duif opnieuw naar buiten. Ze keert terug met een olijfblad. Dus er is groen, weet Noach nu, er zijn bomen die weer groeien, er is eten voor de dieren! Het kan niet anders of hij moet met zijn ark vol ongeduldige mensen en dieren zelf ook ongelooflijk ongeduldig zijn, maar hij wacht. Hij wacht opnieuw zeven dagen. De duif keert niet terug. De hoop heeft voet aan de grond gekregen.

Eén zwaluw maakt zomer, zo zegt Eppie Dam. Wat een mooie manier van kijken is dat. Eén zwaluw maakt nog geen zomer, zeggen we in het dagelijks leven. Maar in de kerk zeggen we: er is maar één vonkje, één sprankje nodig om de hoop de ruimte te geven.

In Genesis zijn de raaf en de duif vogels van hoop. Voor Eppie Dam is het de zwaluw.

Hoe ziet uw of jouw vogel van hoop eruit? Waar woont ze? Wat heeft ze nodig om gevoed en gekoesterd te worden, wat heeft ze nodig om haar vleugels uit te slaan?

Vragen om over na te denken als je weer eens buiten loopt en ze ziet vliegen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *